
Wat doen we precies wanneer we morele uitspraken formuleren?

Valt het idealisme , de opvatting dat bewustzijn fundamenteel aanwezig is en materie in wezen neerkomt op een projectie in en door bewustzijn (lees: de meest radicale vorm van fenomenaal realisme), serieus te nemen binnen de philosophy of mind of niet?

Weinig kwesties raken zo aan de kern van de rechtsfilosofie als de vraag hoe het begrip ‘rechterlijk oordeel’ precies moet worden gedefinieerd.

Zijn we daadwerkelijk het zelf dat we denken te zijn? Heeft het zelf, ‘het ik’ of ‘het ego’, een objectief bestaande realiteit? Of is het zelf daarentegen iets illusoir?

Wat is (on)waar? Wat is (on)werkelijk? Of is het maar hoe je het vanuit jouw eigen perspectief bekijkt?

Waarom lijken ervaringen fenomenale eigenschappen te hebben? En hoe komt die sterke illusie van fenomenaliteit tot stand?

Wat is psychedelische fenomenologie?

Een tekst over de vraag naar de aard van het bewustzijn.